LingUU 3.1 is uit!

LingUU Journal 3.1 is uit! Het vierde nummer van LingUU bevat wederom artikelen over uiteenlopende taalwetenschappelijke onderwerpen, van studenten van verschillende bachelor- en masteropleidingen. Download direct het hele nummer, bekijk de losse bijdragen of bestel een papieren editie (zolang de voorraad strekt).

Dank aan onze auteurs, reviewers en adviseurs, Sophie Slaats en Fieneke Jochemsen in het bijzonder.

Anouk Scheffer (RMA Linguistics) doet een voorstel om het effect van stress-cues te onderzoeken op het koppelen van woordbetekenis aan nieuw gesegmenteerde woorden bij eentalige en tweetalige baby’s van 17 maanden, die zowel een jambische als trocheïsche taal leren. Anouk stelt een nieuwe manier voor om zowel woordsegmentatie als het vermogen om woordbetekenissen te koppelen aan woorden te onderzoeken.

Héloïse Pierret (RMA Linguistics) bespreekt de rol van prosociale misleiding (‘white lies’) bij het onderhouden van een ‘communicatief project’. Ze betoogt dat prosociale misleiding een rol speelt bij het manipuleren en beschermen van de emoties van anderen. Om de rol van misleiding in communicatie te visualiseren, paste Héloïse het Affective Language Comprehensive (ALC) model van Van Berkum (2018) aan. Zij schrijft dat een circulaire indeling moet worden gebruikt om types van prosociale misleiding te classificeren.

Iris van der Wulp (RMA Linguistics) explains the split-ergativity in Thulung Rai and compares it to the split-ergativity in auxiliary selection in Italian. When the expression of split-ergativity in Thulung Rai and Italian is compared, one finds almost only differences. They both have a form of split-ergativity, however, Italian expresses ergativity by auxiliary selection, whereas Thulung Rai expresses it by morphologically marked Case.

Iris van der Wulp (RMA Linguistics) legt de split-ergativiteit in het Thulung Rai uit en ze vergelijkt deze met de split-ergativiteit in hulpwerkwoordselectie in het Italiaans. Wanneer de split-ergativiteit van het Thulung Rai en Italiaans worden vergeleken, vindt men bijna alleen maar verschillen. Ze hebben allebei een vorm van split-ergativiteit, maar het Italiaans drukt de ergativiteit uit door hulpwerkwoordselectie, terwijl Thulung Rai het uitdrukt doordat de naamval morfologisch gemarkeerd is.

Japans heeft emoties ingebed in de kern van zijn structuur, in de vorm van morfologische elementen. Damien Fleurs (RMA Linguistics) paper bespreekt de literatuur over twee van zulke elementen, namelijk de zinsfinale partikels ne en nee. Door het prisma van de Japanse samenleving en met voorbeelden uit het ALC-model van Van Berkum (2018), beschrijft deze review welke rol deze partikels spelen in emotionele communicatie .

Marjolein Talsma (RMA Linguistics) rapporteert enthousiast over haar stage op haar thuisbasis, Universiteit Utrecht. Ze onderzocht de valentie van weather verbs.

Iets verder van huis was Anique Schüller’s (RMA Linguistics) uitwisseling naar de Chinese Universiteit van Hong Kong om cross-language activatie bij dove tweemodale tweetaligen te bestuderen.

Myrthe van der Veen (BA Linguistics) recenseert Paulien Cornelisses Taal voor de leuk. Dit boek is niet veel anders dan Cornelisses eerder gebundelende columns over taalkundige en vaak amusante situaties. De levendige en ironische toon van Cornelisse wordt geprezen, evenals haar scherpe observaties. Lees “LingUU 3.1 is uit!” verder

LingUU 2.2 is uit!

LingUU Journal 2.2 is uit! Het derde nummer van LingUU bevat wederom artikelen over uiteenlopende taalwetenschappelijke onderwerpen, van studenten van verschillende bachelor- en masteropleidingen. Download direct het hele nummer, bekijk de losse bijdragen of bestel een papieren editie (zolang de voorraad strekt).

Merel Hardeman, Héloïse Pierret & Anouk Scheffer (RMA Linguistics) vergelijken twee modellen voor gesproken woordherkenning: het Cohort-model en het TRACE-model. Hun resultaten, in overeenstemming met het TRACE-model, laten zien dat priming met een rijmend woord in snellere reactietijden op het doelwoord resulteert dan priming met woorden met dezelfde onset en nucleus als het doelwoord.

Lisa Verbeek (RMA Linguistics) onderzoekt hoe mensen hun eigen naam emotioneel verwerken. Verbeek stelt dat zelfnamen Emotioneel Competente Stimuli worden, zodanig dat affectieve geheugensporen onderdeel zijn geworden van woordbetekenis. Hierdoor zijn zelfnamen prikkelende (arousing) woorden die automatisch en onbewust worden verwerkt.

Marlijne Boumeester (MSc Neuroscience and Cognition) stelt een studie voor die tweetaligheid onderzoekt als een factor die leeftijdgerelateerde cognitieve achteruitgang zou kunnen vertragen. Ze verwacht dat de prestaties op de Simon-task en de trail-making task in dezelfde mate zullen afnemen in twee leeftijdsgroepen van bestaande uit een- en tweetaligen.

In een corpusstudie naar Vroegmodern Nederlands analyseert Levi Remijnse (RMA-linguïstiek) beknopte bijzinnen met een participium als hoofd. Sommige constituenten kunnen geen extrapositie of raising ondergaan, maar ze staan toch áchter het participium. Om dit te verklaren, stelt Remijnse voor dat het participium verplaatst naar een hogere projectie met een vertakking naar links in de structuur.

Bjorn Lichtenberg (BA Linguistics) bespreekt drie modellen die force dynamics beschrijven. Hij vergelijkt hun definitie van force, in welke mate empirisch onderzoek erop aansluit, en hun validiteit met betrekking tot compositionaliteit. Volgens Lichtenberg heeft het model van Wolff de meest expressieve kracht, terwijl het model van Copley en Harley de voorkeur geniet in het licht van compositionaliteit.

Camilla Giannini (RMA Linguistics) onderzoekt de status van Occitaans, een minderheidstaal in Italië, met de nadruk op de ontwikkeling van deze taal en op taalplanning en media om het voortbestaan van de taal te stimuleren. Giannini concludeert dat de wens van de sprekers om hun cultuur en tradities te promoten nog steeds sterk is.

In dit replicatieonderzoek vinden Tamara Muller, Lucia Koster & Ellen Hendriks (MA Communicatie en organisatie) meer bewijs voor de conceptual metaphor theory. Deelnemers vertrouwen op metaforen wanneer ze kranten beoordelen en verwachten hierdoor dat zwaardere kranten belangrijker nieuws bevatten. De auteurs vonden geen bewijs voor grounded cognition.

Dylan Bonga en Jonathan Kamp (RMA Linguistics) onderzoeken de interactie tussen fonologische en grafemische priming. Ze verwachten dat fonologische en grafemische priming gecombineerd een sterker effect hebben dan één vorm van priming op zich. Met behulp van een Lexical Decision Task konden ze deze voorspelling gedeeltelijk bevestigen.

Jaap Kruijt (MSc Artificial Intelligence) doet verslag van zijn tijd in Edinburgh. Een vak over taalevolutie ging in tegen ideeën die hij eerder had opgedaan. Met behulp van een methode die hij in Edinburgh leerde, schreef hij zijn scriptie over dit onderwerp.

Walther Glödstaf (RMA Linguistics) is van mening dat Steven Pinkers The Stuff of Thought overtuigend bewijs levert voor het nut van semantiek in onderzoek naar de menselijke geest. Volgens Glödstaf worden er af en toe oversimplificaties en stromannen gebruikt, maar hij waardeert Pinker’s geestige vertoon van kennis.

Myrthe Buckens (BA Linguistics) concludeert dat Taal om mee spelen van Sjoerd van der Niet het best kan worden beschouwd als een luchtige introductie tot de taalfilosofie, bedoeld voor het grote publiek.

LingUU 2.1 is uit!

LingUU Journal 2.1 is uit! Het tweede nummer van LingUU bevat wederom artikelen over uiteenlopende taalwetenschappelijke onderwerpen, van studenten van verschillende bachelor- en masteropleidingen. Download direct het hele nummer, bekijk de losse bijdragen of bestel een papieren editie (zolang de voorraad strekt).

Mattanja Blaauwendraad-Kalle (RMA Linguistics) opent met een artikel waarin zij Feature-Based Verification voorstelt om tot de juiste wederkerige interpretatie van werkwoorden zoals ‘daten’ en ‘knuffelen’ te komen, waarbij syntactische structuur een grote rol speelt bij betekenisvorming.

Met een experiment met Frans-Nederlands tweetaligen laat Lex Tavenier (BA Franse taal en cultuur, BA Taalwetenschap) data zien die niet verklaard kunnen worden door de aspect hypothesis, die stelt dat lexicaal aspect van werkwoorden L2-leerders helpt om deze juist te leren vervoegen.

Sjoerd Bosma (BA Nederlandse taal en cultuur) bestudeert het voegwoord ‘al’ in het West-Fries en Westlands. Hij stelt een CondP en ConcP binnen het CP-domein voor om de semantische verschillen tussen het conditionele en concessieve gebruik van ‘al’ te verklaren.

Sjoerd Lindenburg (MA Leraar voorbereidend hoger onderwijs: Engels), Hanne Boon en Jennifer Elbert (beiden MA Meertaligheid en Taalverwerving) doen een voorstel voor een onderzoek naar de effectiviteit van verschillende combinaties impliciete en expliciete instructie in het tweedetaalonderwijs, waarbij Spaanse volwassenen de vervoeging van de Engelse Present Simple moeten leren.

Tot slot bestudeert Hannah Aalbers (paper BA Nederlandse taal en cultuur, nu RMA Linguistics) de (non-)configurationele eigenschappen van het Nederlands in vergelijking met het configurationele Bilinarra. Zij stelt dat ook het Nederlands soms een flexibele woordvolgorde heeft en pronominale clitics gebruikt kunnen worden om constituenten te vervangen.

In de rubriek from abroad doen deze keer Marlijne Boumeester en Sophie Slaats (beiden RMA Linguistics) verslag van hun avonturen. Marlijne heeft zich in Oslo voorbereid op haar thesis over talige en cognitieve vaardigheden van meertalige volwassenen. Sophie zocht de neurolinguïstiek op in Reading (Verenigd Koninkrijk) en deed daar ervaring op met EEG-experimenten in een project over derdetaalverwerving en language transfer.

Damien Fleur (RMA Linguistics) sluit het nummer af met een recensie van Robert C. Berwick en Noam Chomsky’s Why only us, waarin zij beargumenteren waarom en hoe de mens uniek is door zijn taalvermogen. Damien is teleurgesteld door het gebrek aan bewijs en bekende tegenargumenten voor hun claims, maar raadt desalniettemin iedere taalwetenschapper aan het boek te lezen.